Fietsavonturen voor bijna iedereen

In mijn vorige stukje betoogde ik dat fietsvakanties niet alleen een veel milieuvriendelijker, maar ook veel mooiere vorm van reizen zijn dan vliegvakantie. Sommige mensen wezen mij er op dat niet iedereen kan fietsen, en zeker niet zoveel als ik. Bovendien heeft niet iedereen de tijd die ik heb.

Daar ben ik mij van bewust. Maar het is nu ook weer niet zo dat half Nederland in een rolstoel zit en ik knalde bij mijn eerste fietsvakantie ook niet meteen de Stelvio op. Ook kleinere, meer toegankelijke fietstochten kunnen bijzondere en onvergetelijke avonturen zijn.

Vandaar dit vervolg. Ik geef wat voorbeelden van kleine fietstochten die voor een groot deel van de mensen goed te doen zijn. Als iedereen die het kan, af en toe hier voor kiest in plaats van een vliegvakantie, is dat al een grote winst.

Ik leg de lat laag. De voorbeelden die ik geef gaan er van uit dat je één week vrij hebt, en de helft van mijn tempo haalt. Met de weekenden erbij en een dag rust midden in de week, kom je dan op 600 à 700 kilometer. 800 als je strak rijdt of de omstandigheden heel gunstig zijn.

Om het mezelf nog moeilijker te maken, ga ik uit van het principe ‘op de fiets vertrekken, op de fiets thuiskomen’. Als start en finish kies ik het midden van het land, de omgeving van Utrecht. Maar uiteraard is voor elke woonplaats in Nederland zo’n lijstje te maken.

Naar het Duitse Wad

Zoals ik in het vorige blog al zei, veel Nederlanders weten niet eens dat de Waddenzee doorloopt voorbij de grens. Maar juist daar is heel wat moois te zien. Flinke stukken kun je door de kwelder fietsen, kom daar maar eens om in Nederland.

Vanuit Utrecht fiets je in iets meer dan twee dagen naar Nieuwe Statenzijl, over de Veluwe en door Drenthe. Op zich al geen straf. Vanaf daar kun je de mooie haventjes van Oost-Friesland bezoeken en wellicht je rustdag pakken op een Duits waddeneiland. Gezien de beperkte tijd is Langeoog dan wellicht de beste keuze: Dat is het mooiste Oost-Friese waddeneiland met een veerboot die niet van het getij afhankelijk is. Maar wellicht heb je mazzel met het tij en kun je naar het prachtige Juist of zelfs Spiekeroog.

Ardennen

Klassiekertje. Opnieuw vanuit Utrecht, is het maar twee dagen naar Maastricht en alleen die stad al is natuurlijk de moeite waard. Vanuit daar zijn er talloze routes door de Ardennen. Te veel om op te noemen. Download een track van Tilff-Bastogne-Tilff als je lekker wilt klimmen. Drink ’s avonds een lekker Belgisch biertje, kampeer aan een riviertje.

Eifel

Ook een prachtig laaggebergte, direct naast de Ardennen maar minder touristisch en het lekkere bier is er Duits in plaats van Belgisch. De oude vulkaankraters kun je bezoeken, en uiteraard kun je op de heen- of terugweg een ommetje door de Ardennen maken.

Naar Duinkerken

Frankrijk is ook prima haalbaar. Er zijn mooie routes uit te zetten naar de Franse kust, bijvoorbeeld het mooie Duinkerken. Bijvoorbeeld via de Lek naar de Zuid-Hollandse en Zeeuwse eilanden. Over de dammen tot Vlissingen, daar de veerboot naar Zeeuws-Vlaanderen. Een stukje vergeten Nederland maar wel de moeite waard. De Noordzeeroute kan je vervolgens verder brengen tot in Frankrijk.

Andere mogelijkheid is via fraaie historische steden, zoals Breda, Antwerpen, Gent, Brugge. Als je van de één de heenweg en van de ander de terugweg maakt, heb je een route waarop meer te zien is dan je in een maand kan verwerken.

Nederlandse landschappen

Ga oost richting Enschede. Stukje langs de Rijn voor het prachtige rivierenlandschap. Dan de Veluwe over, via Zutphen naar het Twentse coulissenlandschap. Dan noordwaarts door de veenlandschappen tot aan de Dollard, waar je een glimp van de Waddenzee krijgt. Westwaarts naar Friesland om van de Friese meren te genieten. Dan naar de moderne polders van Flevoland, waarbij je ook nog even de Oostvaardersplassen en uitzicht over het IJssel- en Markermeer krijgt. Via het Gooi en de veenplassen kom je weer terug in de omgeving van Utrecht.

Bij deze tour ben je waarschijnlijk de grens niet over geweest. Maar je hebt wel meer van de Nederlandse landschappen gezien dan het gros van de Nederlanders.

Limes plus Reitsma

Deze zou een beetje ambitieus kunnen zijn vanuit Utrecht, maar voor Nijmegenaren is hij vrij ideaal. De Limesroute langs de Rijn en Reitsma’s route naar Rome kruisen elkaar zowel in Nijmegen als in Remagen aan de Rijn. GPS-tracks zijn gemakkelijk te downloaden en je hebt zonder veel routeplanning een prachtig rondje. Een deel ervan heb ik afgelopen zomer gefietst en dat was de moeite waard. Vergeet niet om ijs te eten bij de Italiaan in Euskirchen en een biertje te drinken bij de stadsbrouwerij van Remagen, met uitzicht over de Rijn. Onvergetelijk.

Dit zijn zes prachtige kleine reizen die ik op een avondje verzonnen heb. Voor een heel groot deel van de Nederlanders zijn ze prima te doen. Zeker ook voor jongeren met weinig budget; afgezien van de Ardennen en Eifel zijn ze op een gewone stadsfiets met eenvoudige versnellingen en handremmen te fietsen. Je hebt er niet veel ervaring en training voor nodig; regelmatig naar je werk of naar school fietsen en een paar oefenweekendjes zijn voldoende.

Het is onzin dat reizen op de fiets alleen haalbaar is voor sterf-moeilijk duursporters met een materiaalbudget van duizenden euro’s. Integendeel. Het juist een heel toegankelijke vorm van avontuurlijke vakanties. Probeer het een keer. Want we hebben niet alleen maar één planeet, we hebben ook slechts één leven.

5 reacties op “Fietsavonturen voor bijna iedereen

  1. Oeps, je gaat uit van 100 kilometer per dag? Dat haalt een beginner niet, dat haal ik ook niet op een bukfiets. Een beginner heeft ook de hele fiets volhangen met voor- en achtertassen met een veel te zware kampeeruitrusting. Overigens heb ik ook een tip: neem je fiets voor 6,20 mee op de trein naar Maastricht, fiets vanaf daar naar Aken, volg vanaf daar de Vennbahn. Je zit meteen in buitenlandse sferen.

    • Nee, veel minder. Week + weekend = 8 dagen fietsen + 1 rustdag; 600 ~ 700 km komt dus neer op 75 tot 85 km per dag.
      En het zijn maar voorbeelden. Zo woont ook niet iedereen in Utrecht. Vandaar dat ik wat oefenweekendjes aanraad, zodat je een beetje weet wat je kan.

        • Ja, als 16-18-jarige deed ik ook fietsvakanties met zo’n 60-100 kilometer per dag. 100 haalden we alleen op vlak terrein, 60-70 was vaker de realiteit en 80 was altijd het streven 🙁 ). Ik als ik kijk naar mijn conditie van destijds en die van nu, denk ik niet dat ik mijn bierbuik veel meer dan 60 kilometers per dag moet verplaatsen binnen Nederland, of althans niet in de eerste week.

          Maar eerst maar weer eens een fiets kopen, want mijn stationsbarrel nodigt niet uit tot dagtochten en mijn Sinner Record 1620 uit 1998 heb ik vorig jaar eindelijk verkocht met het idee dat er beter iemand op kon leren ligfietsen dan dat hij bij mij in de schuur zou wachten tot het een klassieker werd.

  2. Goede tips, bedankt. Hier nog eentje, gereden met een zelf-fietsende kleuter in het gezelschap. Een weekje vakantie? Dat zijn Amerikaanse toestanden! Spaar meerdere weken op, skip die voor- en najaarsreisjes ‘naar de zon’. Koop een museumjaarkaart en maak een rondrit door het museumdichtste stuk van het land, waar de waterwegen meters hoog boven het landschap uitsteken, en waar tussen alle grootstedelijke vernieling nog massa’s juweeltjes in het landschap zitten die je in een fietstocht aaneen kunt rijgen. Doe er om de dag of als het regent een museum bij en je hebt een onvergetelijke reis. Wat aanknopingspunten: Leiden, duinen, Haarlem, Krommenie, Hoorn, Enkhuizen, Stavoren, Weerribben, Veluwe, Amersfoort, Utrecht, Leiden. Dit rondje is slechts 400 kilometer, met de leukste kleine paadjes wordt dit 500 a 600 kilometer.
    En het jaar erop kun je aan de slag in België, waar dit jaar ook een museumpas werd geïntroduceerd.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.