Ik ben afwezig. Letterlijk, figuurlijk. Ik ben nauwelijks online, sla regelmatig tangoavondjes over. Tijdens gesprekken val ik soms stil of kom niet goed uit mijn woorden. Als ik überhaupt al een gesprek voer. Hele dagen breng ik soms door met in de tuin zitten en naar de kippen staren. In gezelschap laat ik het praten vaak aan anderen over. Zwijgend naast een vriend zitten is voor mij genoeg nu.

Ik ben moe. Heel moe. En er is niets dat helpt, behalve rust. En tijd. Geduldig bijkomen van wat er is gebeurd.

Deze vermoeidheid is allerminst zorgwekkend. Wat er is gebeurd, is niet iets ergs, iets schadelijks of zelfs maar vervelends. Het is iets goeds en moois. Dat de weerslag zo sterk is, geeft alleen maar aan hoe groot en belangrijk het is.

Begin februari had ik mijn intakegesprek voor de behandeling van wat ik toen aanzag voor een depressie. Het bleek iets heel anders, zoals ik al in mijn vorige bericht schreef. Mijn therapeut zag bijvoorbeeld dat ik fysieke schrikreacties heb bij bepaalde woorden. Uit tests volgde dat ik helemaal geen somber persoon was. Ik was een angstig persoon.

Er valt veel over te zeggen. Een fundamentalistische sekte is zo’n krankzinnige wereld dat er boeken over volgeschreven kunnen worden. Ik noem hier even twee dingen die voor mij nu heel belangrijk zijn.

Het eerste is wat eufemistisch het ‘zondebesef’ wordt genoemd. Dat woord alleen al is pure gaslighting. Want in werkelijkheid betekent het mensen wijs maken dat ze slechte wezens zijn. Van geboorte. Je bent mens, dus je deugt niet.

Het tweede is het idee dat je leven een geschenk van god is. Iets waar je heel dankbaar voor moet zijn, want verdiend heb je het niet.

En zo leven de slachtoffers in morele schuldslavernij. Het gevoel dat je eigenlijk geen recht op bestaan hebt, dat je van nature slecht bent, en dat je je bestaansrecht alleen kunt verdienen door heel hard je best te doen en door talloze hoepeltjes te springen.

Letterlijk talloos, want het is nooit goed genoeg. Er is altijd weer een nieuw hoepeltje.

Mijn therapeut heeft mij de route uit dit ravijn gewezen. Een snelle route. In acht maanden tijd ontwikkelde ik het gevoel en het vertrouwen dat ik goed ben zoals ik ben. Dat ik mag bestaan, dat het goed is dat ik besta. Het gevoel dat ik welkom ben in deze wereld.

Ik kan nauwelijks bevatten hoe groot dit is. Mijn gevoelsleven, mijn bewustzijn, mijn hele bestaan heeft een nieuw fundament. Ik zie, voel, ruik en hoor dingen beter en mooier, ook letterlijk. Het is alsof er altijd een dikke glasplaat tussen mij en de wereld zat, die nu weg is.

En dat in minder dan een jaar tijd. Het is niet alleen een grote verandering, het is ook een snelle verandering.

Dus dat ik nu moe en emotioneel ben, is niet zo raar. Ik heb een zware bergetappe achter de rug en heb een wereldtijd neergezet.

Maak je dus geen zorgen als je mij vermoeid ziet kijken, als je mij ziet huilen of merkt dat ik niet uit mijn woorden kom. Het gaat goed met me. Ik ben gelukkiger en stabieler dan ik ooit ben geweest. Het is nu tijd om bij te komen van deze eerste etappe. Om te genieten van waar ik nu ben. En om alvast een beetje na te denken over de volgende etappe. Maar dat heeft geen haast.