De winter is dit jaar zowaar een winter. Geen laffe herfst die met laffe regenbuitjes overgaat in een laffe lente, maar een echte winter met kou, heldere vriesluchten, wegen die wit zien van het zout en schaatsgekte. Heerlijk.
Nou heeft de eerste golf van vrieskou mij aardig dwars gezeten op fietsgebied, nadat de ijzel alle leuke fietspaden onbegaanbaar had gemaakt was het trainen even afgelopen. Gelukkig had ik de eerste dagen gebruikt voor een lange training door de duinen, en een tocht over de LF1 naar mijn moeder, in de kop van Noord-Holland. Een prachtige tocht door bevroren duinen tegen een bescheiden noordooster. Daarna was het over met de pret en heb ik mij vooral over de kaarten gebogen. Uit pure ellende ben ik op een gegeven moment met geleende schaatsen het ijs op gegaan.
Nu is het voor de tweede maal ijskoud geworden, en is het niet glad. Daarom heb ik maar lekker gefietst dit weekend, vrijdag naar Zierikzee op en neer, en vandaag een kort rondje.
Het leuke aan de tocht naar Zierikzee was dat ik dit keer wind mee had op de heenweg, en op de terugweg met de oostenwind in gevecht mocht. Normaal is het andersom. Om het doorzettingsvermogen een beetje aan te scherpen, is het helemaal niet verkeerd als het venijn wat meer in de staart zit.
Maar vandaag heb ik dat maar niet gedaan. Op de website van het KNMI had ik al gezien dat het erg koud zou worden, dus ik koos voor het rondje Delft – Rottemeren – Boskoop – Zwammerdam – Leiden -Delft. Ik was Delft nog niet uit of ik voelde dat de meteorologen niet overdreven hadden: de oostenwind was snijdend koud, het winterzonnetje deed eigenlijk niks. Ondanks een extra thermoshirt en onderhandschoenen kreeg ik het niet echt warm. Gelukkig zweet je dan ook niet, zolang je niet stilstaat, is er niks aan de hand.
Plaspauzes waren dus een ramp, en de boterhammen gingen sneller naar binnen dan ze vrijdag hadden gedaan. Toen ik bij Zwammerdam het verste punt van mijn rondje bereikt had, voelde het als een grotere overwinning dan wanneer ik normaal gesproken terugkom van een rondje Zeeland.
Gelukkig kreeg ik vanaf dat moment wind mee, en uiteindelijk was ik na zo’n drieëneenhalf uur terug in Delft. Toen ik bij een stoplicht stond te wachten, draaide een automobilist z’n raampje open en riep: “koud zeker?”. Ik knikte, “Nogal”.
Thuis zette ik direct de verwarming aan en verwisselde mijn schoenen en sokken voor een paar heel dikke wandelsokken. Ik durfde niet meteen onder de douche te stappen, eerst die bloedvaten maar weer een beetje gangbaar laten worden. Op de bank, naast de radiator, zette ik mijn muts af. Heel even. Wie bij mij naar binnen zou hebben gegluurd, zou mij in fietskleren in elkaar gedoken hebben zien zitten, met een muts over mijn oren en vingers die de theemok eigenlijk niet vast konden houden.
Ik kan me niet herinneren dat ik het ooit zo koud heb gehad op de fiets.
En in het kader van geheel ander nieuws: ik heb mijn Noordkaapfiets besteld. Een tijdje terug al, maar ik heb er niet aan gedacht het hier te melden. Misschien ben ik tegenwoordig teveel op #ligfiets aan het kletsen, waardoor ik het gevoel heb dat iedereen alles al weet. In ieder geval, het wordt een Fujin SL1, met de nodige aanpassingen om hem extra geschikt te maken voor mijn tocht.
De eerste onderdelen zijn al binnen: De pedalen. Bebop van VP One, een systeem waar ik tot voor kort nog nooit van gehoord had, maar toen ik een foto ervan zag, wist ik meteen dat dit het systeem is waar ik al jaren naar op zoek was. Speedplay X vind ik het prettigst fietsen, door de bewegingsvrijheid en het gemakkelijke in- en uitklikken. Ze zijn alleen zo vuilgevoelig dat het op vakantie echt een ramp wordt. Vandaar dat ik voor mijn Hurri overgestapt ben op Speedplay Frogs. Die werken onder matige omstandigheden een stuk beter, maar inklikken is lastiger en het rijdt gewoon niet zo fijn als X.
De Bebops hebben het kliksysteem van X, alleen dan veel deugdelijker uitgevoerd en het is veel meer ‘open’: in plaats van een gesloten schijf een soort kooi, waardoor het vuil veel beter weg kan. Hetzelfde geldt voor de koppeling onder je schoen: een veel degelijker veer, die niet opgesloten zit en dus z’n vuil gemakkelijk kwijt kan.
Ik heb er nog niet mee gereden, maar ik vertrouw genoeg op mijn werktuigbouwkundige inzichten om ervan overtuigd te zijn dat deze pedalen echt hun belofte waar maken. Eén voordeel heb ik in ieder geval al ondubbelzinnig vast kunnen stellen: ze wegen een kwart minder dan Speedplay, bij een fors lagere kiloprijs.