Vandaag heb ik de Jester weer eens uitgelaten. Sinds ik terug was van mijn vakantie in Noorwegen, had ik alleen nog op de Hurri gereden. Echt trainen, daar was ik nog niet zo aan toe. De bergtochten waren behoorlijk zwaar geweest, dus ik had twee weken nodig om bij te eten en wat extra te rusten. Maar vandaag moest het maar eens afgelopen zijn.

Aanvankelijk had ik het woeste plan om een rondje Oosterschelde te fietsen, maar daarvoor voelde ik me toch niet fit genoeg. Bovendien moest er nog het éen en ander aan mijn fiets gebeuren, dus ik was pas even na twaalven onderweg. Ik besloot een kort rondje langs Hoek van Holland te rijden. Altijd leuk. Het fietsen ging nog best aardig, maar ik was blij dat ik niet voor de 200 kilometer ging.

De volkomen opengebarste buitenkabel Bij Maassluis was ik opeens heel blij dat ik niet zo ver van huis was gegaan. Ik schakelde terug en *Poef!*, de buitenkabel van mijn achterderailleur ontplofte. Ik had opeens nog de keuze tussen een te grote en een te kleine versnelling. Oeps. Met een door het frame gevoerde kabel van ruim twee meter had ik opeens een paar uurtjes klussen in het vooruitzicht in plaats van lange trainingen door herfstige polders. Gelukkig heb ik de Hurri nog.