Tot ziens

Over de dijk kijken was niet nodig. Na de mooie avond in Husum wist ik dat het afscheid van de Waddenzee tijdelijk was. Bij de oversteek van de Elbe zou ik nog even een Tot ziens! zwaaien naar de platen en het zoute water, en dan zou ik het binnenland in gaan, wegfietsen van de zee, terug richting het coulissenlandschap. Daar zou ik opnieuw naar mijn vrienden in Boekelo gaan, ditmaal om haar promotie bij te wonen.

De rit begon met Husum in het zondagochtendlicht. Op de terrasjes zaten al mensen te ontbijten in de zon. Het was er nog net zo mooi als gisteravond. Jarenlang was voor mij Tönning de mooiste stad van de Waddenkust, maar nu twijfelde ik. Tönning was ongetwijfeld nog net zo mooi als altijd, maar Husum was gegroeid. Husum was een echte stad geworden. Heel even sta ik stil om de binnenhaven in mij op te nemen.

Lees verder

Het kleine Noorden

De aluminium buis zat al op z’n plek in de bovenkant van de tent. Ik hoefde hem alleen nog met zijn uiteinde in het oog te steken, tien haringen in de grond te prikken en de tent zou staan. Maar ik twijfelde. Ik hield even stil, en hoorde de snelweg. Ik keek om me heen, naar het sfeerloze grasveldje waar niet eens een plek was om te zitten. Naar de vaste gasten die er uitzagen alsof ze het hier al twintig jaar niet naar de zin zaten te hebben. Ik haalde de tentstok er weer uit en stopte alles terug in de tas. Ik ging ergens anders heen. Dit voelde niet goed.

Lees verder

​Troyes – Boekelo

Het plan was nog niet volgroeid, toen ik na anderhalve dag in Troyes mijn tent opdoekte. Delen van het plan zweefden al rond in mijn hoofd en ontwikkelden tentakeltjes waarmee ze naar elkaar reikten. Er was La Gabriëlle, de mooie rustige minicamping richting de Belgische grens. Er was die keer dat ik in vier dagen van Troyes naar Delft was gefietst, toen ik enerzijds mezelf uit de naad had getrapt, maar anderzijds ook op een diep punt van m’n burnout zat. Er waren vrienden die op de route woonden, maar er op maandag niet waren. En ik wist dat ik in principe in één dag door de Ardennen heen zou kunnen komen met de route die ik had.

Lees verder

Hitte

De hitte is terug. Niet zo extreem als toen zij mij de toegang tot Italië ontzegde, maar wel sterk genoeg om het mij oncomfortabel te maken. Tijdens mijn rustdag begon het al. Uitslapen was lastig, en gedurende de dag vluchtte ik van schaduw naar schaduw. Maar het was met Orangina en een beetje zout allemaal goed op te lossen.

Lees verder

Een rustdag

Uit de bar naast de receptie klonk zomerse muziek. Op het kleine terrasje en naast het zwembad zaten mensen met een drankje te genieten van het begin van de avond. Zonnebrillen hadden ze al afgezet of omhoog geschoven, maar iets warmers dan zwemkleding was nog niet nodig. Uit de bar kwam een lange tengere vrouw op mij af. Donkere ogen, donkere huid en donkere krullen, een lange zomerjurk. Ze had de uitstraling dat ze iets moois van deze plek wilde maken, en dat het haar zou lukken ook. Ze keek aangenaam verrast toen ik zei dat ik niet één, maar twee nachten wilde blijven.

Hier zou ik een rustdag nemen. Een mooie plek aan de rivier, en met meer sfeer dan ik had verwacht.

Lees verder

Westwaarts

De schemering is vergevorderd. Met een aardewerk mok oploskoffie zit ik aan een picknicktafel voor een halfopen hut die een keuken bevat. Vanaf de andere kant van het veld klinken stemmen van scouts. Het is windstil, droog, halfbewolkt. Een open plek midden in het bos naast een oude boerderij. Konijnen scharrelen over het gras.

Een kampeerplaats zoals je ze niet vaak treft. En ook hoe ik hier gekomen ben is een bijzonder verhaal.

Lees verder

Zuurstof

Mijn rustdag in Dillingen a/d Donau is vertrouwd. Beetje uitslapen, wasje draaien, plek zoeken om de natte was te drogen te hangen zonder dat-ie weer natregent als ik naar het stadje ben voor wat boodschappen, koffie, eten, koffie, biertje, avondeten en nog een biertje.

Ik wandelde door het mooie stadje waar ik nog nooit van had gehoord en dat ik wellicht nooit meer terug zal zien. Ik bewonderde de gebouwen, raakte langzaam maar zeker vertrouwd met het stratenpatroon. Voor één dag was dit mijn thuis.

Lees verder

Tussen Maas en Donau

Het was bloedheet bij het opstaan. In niets dan m’n fietsbroekje brak ik de tent af en propte wat brood naar binnen. Dat wordt nog wat in Italië, bedacht ik terwijl ik met tegenzin m’n fietsshirt aantrok.

Eenmaal onderweg werd het beter. Bij de veerpont was het al iets koeler, eenmaal los van de Maas kwam er wat bewolking. De route gaat via wat suf overkomende dorpjes in zuidoostelijke richting. Goed dat ik gisteren niet doorgefietst ben. Als je voor tien kilometer het mooie Kessel links laat liggen, schiet je het doel meer dan een beetje voorbij.

Lees verder

Een valse start

Het was een haastig vertrek dit jaar. Door alle fysieke en mentale strubbelingen van het afgelopen driekwart jaar, waren de voorbereidingen voor deze reis samengebald in misschien twee maanden. Toen bleek ik meer verlofdagen te hebben dan verwacht, en vanwege mijn werk was het niet echt een optie om langer weg te blijven. Eerder op weg gaan was realistischer.

De laatste zaterdag voor vertrek ging ik met de trein heen en weer naar Challenge/Elan voor onderdelen, die ik zondag op mijn fiets schroefde. En daarbij ontdekte ik een scheurtje in mijn velg, precies hetzelfde euvel als vorig jaar in m’n achterwiel. Zwak puntje in de vorige generatie Ryde velgen. De huidige generatie is sterker, zonder zwaarder te zijn. Nou lag Nijmegen toch op de route, dus ik stuurde Hans van Vugt een mailtje dat ik nog even langs zou komen. Een deadline-actie, maar alles was onder controle.

Lees verder